Inspiratie

4 december 2009

Eén kind, twee volwassenen

Je weet dat het er aan zit te komen, maar je bent helemaal niet in de stemming. Twee maanden na het overlijden van Joram hebben we een feestje. We zijn jarig. Jippie.
Normaal gesproken houden we er al niet zo van; onze verjaardag vieren. Doen we het al heel bescheiden met alleen familiebezoek, koffie, taart, drankje en een lekker hapje. Geen uitbundigheid en party’s voor onze verjaardag. Gelukkig zijn H. en ik bijna tegelijk jarig. Er zit maar een dag tussen en dat scheelt. Dan hebben we alles in een weekend gehad. Maar nu zijn we echt niet in de stemming voor een feestje al voelt het wel meer dan ooit bijzonder dat we weer een jaar ouder zijn geworden. (Wij wel…)
Gelukkig begrijpt (bijna) iedereen in onze directe omgeving ons en dringen ze verder niet aan om toch een taartje te komen eten en er eentje op te nemen. We krijgen zelfs hartverwarmende, meelevende berichtjes, een kaart van de klasgenootjes en juffen van Joram en bloemen. Maar Jongste is er ook nog en aan hem is het toch moeilijk uitleggen dat we dit jaar het liefst onze verjaardagen over zouden willen slaan. Op school heeft hij erg zijn best gedaan om twee werkjes voor ons te maken en dat terwijl hij bepaald geen lol in knutselen heeft. Om er zeker van te zijn dat we niet geconfronteerd worden met onverwacht bezoek voor de deur, gaan we zelf weg. ‘Iets leuks doen’.
Maar iets leuks doen zonder Joram is helemaal niet leuk. Het is moeilijk iets te verzinnen. Het klinkt misschien raar, maar het voelt als een soort verraad. Dat we een dagje uitgaan zonder hem. Hij had er ook bij willen zijn. Moeten zijn! Uiteindelijk kiezen we voor het Dolfinarium. Joram is daar voor de zomervakantie met schoolreisje naar toe geweest. Wij waren (dus) niet mee en daarom geeft dit een ander gevoel. Een ander gevoel omdat het zo’n beklemmend en verdrietig gevoel geeft te weten dat we ongetwijfeld nog zo veel dingen gaan doen die hij zou ook graag gedaan zou hebben, van genoten zou hebben, maar nooit mee zal maken. Nooit.
Het begint goed. De juffrouw achter de kassa wil natuurlijk weten met hoeveel we zijn. Ik was hier even niet op voorbereid, krijg meteen een brok in mijn keel en probeer heel hard mijn tranen binnen te houden en zeg: “Eén kind, twee volwassenen”. Vier woorden en zo’n impact! Ik besef meteen dat dit veel vaker zal gaan gebeuren. Het is ook raar dat het zoveel met jezelf doet en de juffrouw achter de kassa geen idee heeft. Je probeert zelf ook te doen alsof er niets aan de hand is, maar ondertussen… het zinnetje blijft de hele dag door mijn hoofd spoken.
Het wordt een dag waarbij ik, we, voortdurend de aanwezigheid van Joram voelen, hij loopt met ons mee. Bij elke stap die we zetten, zet hij er ook een. Bij alles wat we zien en doen bedenken we wat hij ervan gevonden zou hebben. Hoe hij lekker met zijn broertje gespeeld zou hebben in de ‘botenspeeltuin’, hoe enthousiast hij geweest zou zijn tijdens de shows (vooral de piratenshow!) en hoe hij waarschijnlijk alles aan ons van te voren zou verklappen omdat hij het allemaal al eens gezien had. Tegelijkertijd komen we er met enige verbazing achter dat hij ons wel heel weinig heeft verteld over deze dag.
Jongste is deze dag heel erg alleen. Toch geniet hij met volle teugen – dat werd voor hem ook wel weer eens tijd - . Hij kijkt vol ver- en bewondering naar die beesten in het water, ligt tijdens de shows dubbel van het schaterlachen en vertedert daarbij de mensen in het publiek om ons heen. (En ik kan het niet laten te denken dat ze eens moesten weten wat dit mannetje de afgelopen tijd meegemaakt heeft.)
We worden de hele dag verscheurd door zoveel verschillende gevoelens. Het plezier van Jongste maakt dat het een goede dag is. Ook voor ons, maar het besef dat we onherroepelijk nog zo vaak dingen zullen ondernemen zonder Joram, uitjes/vakanties/feestjes waar hij zo van genoten zou hebben, maakt het meteen ook een intens verdrietige dag.

1 opmerking:

Mien zei

... ja, die open wond in je, je snapt soms niet dat mensen het niet zien of voelen..

Ik voelde me wel eens als in een glazen bol, in een soort vacuum, als toeschouwer naar de wereld, die maar doorging..

Hoe confronterend alle 'eerste' keren zijn (en de tweede, derde...)

Mooi dat jullie voor L. dit opbrengen, maar wat zal het ook ontiegelijk zwaar zijn (geweest)

Denk aan jullie viertjes!

Liefs, Mien